Oorsprong hamam
De historie van de hamam, wat Arabisch is voor ‘verspreider van warmte’, gaat meer dan duizend jaar terug in de tijd. Toen het Romeinse Rijk in verval raakte (rond 600) lieten de Arabieren zich door de restanten van oude Griekse en Romeinse badhuizen inspireren tot het bouwen van hamams. Ze ontwikkelden aan de hand hiervan hun eigen badcultuur en -rituelen. Nadat de profeet Mohammed de stoombaden persoonlijk aanprees werd het gebruik ervan algemeen en wijd verbreid.
De Hamam was in het begin alleen bedoeld voor mannen. Vrouwen mochten zich alleen baden na de geboorte van een kind of na ziekte. Naarmate men hygiëne belangrijker ging vinden, kwamen er ook hamams voor vrouwen.
Niet alleen wassen
Door de tijd heen werd het wassen in de hamam slechts een bijzaak. Naast een plaats om te baden werd de hamam meer een ontmoetingsplek voor jong en oud, arm en rijk. Er werd gegeten, gedronken en gedanst en er werden allerlei schoonheidsbehandelingen uitgevoerd.
Vernieuwde interesse
Steeds meer mensen kregen wasgelegenheden thuis, waardoor het oorspronkelijke gebruik van hamams is afgenomen. Tegenwoordig gaat men naar de hamam voor ontspanning en gezelligheid.
Door (vakantie)bezoeken aan landen als Turkije en door de grote behoefte aan de gezondheid van lichaam en geest is de hamam de laatste jaren steeds meer in trek gekomen. Vandaag de dag is de hamam een aangename plek om heerlijk tot rust te komen en te genieten van exclusieve Oosterse wellness.



